Onderbouw
In de eerste twee jaar volg je de onderbouw. Je krijgt een vakkenpakket dat voor iedereen
hetzelfde is. Het zorgt voor een brede algemene ontwikkeling en is een vervolg op de basis-
school.
Dit zijn de vakken die je in elk geval krijgt:
- Talen (Nederlands en Engels en een moderne vreemde taal)
- Wiskunde
- Mens en Maatschappij (burgerschapsvorming, geschiedenis, aardrijkskunde)
- Mens en Natuur (techniek, natuur- en scheikunde, biologie en verzorging)
- Sport en bewegen (lichamelijke opvoeding)
- Kunst en cultuur (tekenen, drama, handvaardigheid)
- Economie
‘Praktische Sectororiëntatie’ (misschien snap je het al: hierin leer je alvast iets over allerlei soorten
werk waar je later uit gaat kiezen)
In speciale mentorlessen leer je hoe je je werk het best kunt aanpakken en hoe je het beste
met anderen kunt omgaan. Iedere leerling heeft een mentor. Daar kun je altijd terecht als er
iets is. Je ouders ook trouwens.

